|
|
Een Fenomeen

Als er één groep bewezen heeft dat
een consequent uitgewerkt en volgehouden formule op
den duur haar vruchten afwerpt, dan is het wel Pink
Floyd. De aanvankelijk met verschillende
muzieksoorten experimenterende band koos in de
jaren daarna voor een vast concept, had daar succes
mee en is er vervolgens nooit noemenswaardig van
afgeweken. De avantgardisten van weleer zijn tot
een succesvolle popgroep getransformeerd, een
perfect geoliede machine die uit zelfbehoud elke
neiging tot spontaniteit abrupt de kop heeft
ingedrukt. Een Floyd-concert is sinds jaar en dag
een strak georganiseerd multimedia-spektakel dat
eerder aan het verstand appelleert dan aan het
gevoel. Het gevolgde procede laat weinig ruimte
open voor avontuur en lijkt een veilige vorm van
escapisme voor de velen die na een lange werkweek
waar voor hun geld eisen. Bij de archetypische
'intellectuele' rock die de groep produceert zijn
de vormgevende elementen en het visuele aspect
minstens zo belangrijk als de muziek zelf. Waar
ligt hier de grens tussen creativiteit en
commercie?
De man die zich niet bewust van de
consequenties-de bouwstenen aan droeg, heette Syd
Barrett. Het waren in eerste instantie zijn
composities waar mee de groep in 1965 als The Pink
Floyd Sound op avontuur trok. Als Pink Floyd maakte
zanger/gitarist Barrett samen met de
architectuurstudenten Roger Waters (bas), Rick
Wright (toetsen) en Nick Mason (drums) in de jaren
daarna de Londense under ground-clubs onveilig. Als
een van de eerste begon de groep tijdens optredens
vloerstofdia's te projecteren en een eigen
lichtshow te ontwikkelen. De enig matische, maar
zwaar aan de psychedelica geraakte Barrett bleek
een gouden pen te bezitten, waar achter elkaar twee
hit singles uitvloeiden: Arnold Layne enSee Emily
Play. In 1967 verscheen de debuut-LP PiperAt The
Gates Of Dawn, naar een hoofdstuk uit Kingsley's
The Wind In The Willows.
Het succes werd de geestelijk instabiele Barrett
spoedig te veel. Excessief LSD-gebruik had hem tot
een onbetrouwbare en onberekenbare partner gemaakt
en de anderen zagen zich genoodzaakt hem de wacht
aan te zeggen. Na twee onevenwichtige, maar
tamelijk unieke soloplaten verdween hij definitief
van het toneel. Een trieste afloop van een zo
veelbelovend begonnen carriere. Barretts invloed op
de muziek van Pink Floyd is echter tot op vandaag
de dag merkbaar. Dave Gilmour wordt aangetrokken
als zijn vervanger en op de tweede LP, A Saucerful
Of Secrets, koerst men al voorzichtig in een andere
richting. Voorlopig blijft de psychedelische rock
nog het muzikale idioom, maar geleidelijk aan
tekent zich een kentering af. Op het dubbelalbum
Ummagumma krijgt elk bandlid een halve plaatkant
ter beschikking om naar hartelust te
experimenteren, waarbij Roger Waters met zijn
persoonlijke werk de anderen moeiteloos overtreft.
Waters is dan de nieuwe creatieve spil waarom de
groep draait en zijn dominerende rol lijkt zich per
album scherper af te tekenen.
Steen voor steen wordt gebouwd aan de muur die
de band steeds meer zal scheiden van het publiek.
De anonieme moloch wordt in de steigers gezet. De
concerten worden opzienbarender en beginnen een
onlosmakelijk deel van het Floyd-gebeuren te
worden. Zo verrijst tijdens een openluchtshow
plotseling een gigantische, opblaasbare octopus uit
het voor het podium liggend meer en bezorgt menig
pillenslikker een badtrip.
Waters' aanvankelijk nog beperkte kwaliteiten
als songschrijver maken een snelle ontwikkeling
door. De composities worden langer, symfonischer
maar opmerkelijk genoeg ook toegankelijker. Haar
geavanceerde geluidsapparatuur stelt de band in
staat haar platen live vrijwel rimpelloos te
reproduceren. Het systeem begint vaste vorm aan te
nemen. De machine komt langzaam puffend op gang. In
1973 verschijnt Dark Side Of The Moon, Floyds
magnum opus en een van de best verkopende
rockalbums aller tijden. Tekstueel wordt de
negatieve zijde van het rocksterrenbestaan belicht
aan de hand van begrippen als commercie (Money),
tijdsdruk (Time) en krankzinnigheid (Brain Damage).
Naast een evidente link met Barrett verwijst de
plaat ook naar de belevingswereld van de bandleden
zelf. Geluidstechnisch vormt het briljant
geproduceerde werkstuk (naast de Floyd-leden zelf
had engineer Alan Parsons een forse vinger in de
pap) een auditieve natte droom voor elke
geluidsfreak. Het beoogde doel is bereikt. Pink
Floyd is een wereldband met een miljoenenomzet, die
haar definitieve stijl heeft gevonden. Waters zal
later verklaren dat de band toen eigenlijk had
moeten stoppen omdat het uiterste bereikt was en de
vier individuen als groep geen bestaansrecht meer
hadden. Waarschijnlijk had hij daar gelijk in.
De mythe zou in elk geval perfect zijn geweest,
maar de realiteit is anders. Niets is zo verslavend
als succes en je laat een pas aangeboorde goudmijn
niet door derden exploiteren. Men gaat op de
ingeslagen weg door. Alleen moet alles nog grootser
en nog indrukwekkender. Waar bij andere licht shows
de musici zelf in de spotlights worden gezet, staan
ze bij de Floyd in het donker. Het lijkt erop dat
het voor de vier niet eens meer noodzakelijk is om
het podium te beklimmen en eigenlijk zou kunnen
worden volstaan met het draaien van een tape. Pink
Floyd is een begrip geworden maar ook een kille
rockdinosaurus die het contact met publiek en pers
mijdt en verstrikt is geraakt in haar eigen
ontwikkelingsdrang. Twee jaar later verschijnt Wish
You Were Here, beslist geen slechte plaat,
opgedragen aan Syd Barrett, aan wie zowel in het
titelnummer als in Shine On You Crazy Diamond
expliciet wordt gerefereerd: 'You were caught on
the crossfire of childhood and stardom, blown on
the steel breeze/ Come on you target for faraway
laughter, come on you stranger, you legend, you
martyr, and shine!' Daarnaast keert de thematiek
van Dark Side Of The Moon terug, met name in
nummers als Welcome To The Machine en Have A Cigar:
'It's a helluva start, it could be made into a
monster if we all pull together as a team...'
Ironisch genoeg geldt dit in hoge mate voor de
Floyd zelf.
Waters, die in zijn teksten een notoircynisme
koppelt aan een voorkeur voor het bizarre, begint
steeds nadrukkelijker zijn persoonlijke thematiek
aan te spreken. De toon wordt op de volgende albums
venijniger en paradoxaal genoeg verwordt het
kwartet tot een micro-versie van de boosaardige
buitenwereld, die in meer en meer zwartgallige
bewoordingen wordt beschreven. Op het pretentieuze
dubbelalbum The Wall doorspekt Waters dit
wereldbeeld met allerlei autobiografische
elementen. Het lijkt alsof de muziek voor hem een
soort persoonlijke loutering betekent. De donkere
wereld die hij schetst, vertoont raakvlakken met de
sombere profetieen van een meer en meer
geautomatiseerde en van bovenaf gestuurde
samenleving, zoals die zijn beschreven in boeken
van Aldous Huxley (Brave New World) en George
Orwell (Animal Farm, Nineteen Eighty-Folu). De muur
die tijdens de optredens op het podium wordt
opgetrokken symboliseert heel treffend de koele
distantie tussen het ongrijpbare instituut Pink
Floyd en het publiel; van vlees en bloed. Waters is
zich daar terdege van bewust en de Wall-tournee
breekt hem danig op.
Het aan zijn in de Tweede Wereldoorlog
gesneuvelde vader opgedragen The Final Cut, waarvan
boze tongen beweren dat het restmateriaal van The
Wall is, blijkt dan ook de zwanezang van Pink Floyd
II te zijn. Zijn collega's laten het meeste werk
aan hem over (Wright is dan al vervangen door
sessie-toetsenist en orkest-arrangeur Michael
Kamen), zodat we in feite kunnen spreken van een
solo-album van Waters. Er lijkt een einde te zijn
gekomen aan een langlopende successtory en hoewel
het niet officieel bevestigd wordt, gaan velen
ervan uit dat de groep ontbonden is. Waters slaat
met The Pros And Cons Of Hitch Hiking voortaan zijn
eigen soloweg in. Hierop blijkt dat zijn
compositorisch talent beperkt is: de songs liggen
in het verlengde van het Floyd-werk, ook al wordt
hij in zijn teksten steeds persoonlijker.
De rest van het verhaal mag bekend worden
geacht. Wright voegt zich weer bij zijn oude
kameraden en de drie gaan zonder Waters onder de
oude naam verder. De rechtszaak die Waters uit
principiele over wegingen tegen de rest aanspant,
verliest hij, al zal hij er financieel niet
slechter op zijn geworden. En toen waren er dus nog
drie... Onder de supervisie van Gilmour wordt A
Momentary Lapse Of Reason vervaardigd, geheel
volgens het beproefde Floyd-recept. De nieuwe
leidsman probeert zelfs de vocale frasering van
zijn voorganger te imiteren. Het werk mist echter,
afgezien van Gilmours verdienstelijke gitaarwerk,
alle diepgang, maar wordt desondanks goed verkocht
en de daarop volgende wereldtournee is een
onverwacht groot succes. Dit jaar verscheen een
tweede proeve van bekwaamheid van ons edele
drietal, The Division Bell, evenals haar voorganger
een schablone-achtig produkt, dat-alle slechte
kritieken ten spijt-overal als zoete broodjes over
de toonbank gaat.
Tekstueel is hier niet meer zoals voorheen
sprake van een duidelijk leitmotiv en ook is
Gilmours schrijfstijl minder persoonlijk en soms
zelfs uitgesproken anoniem. Uit zonderingen zijn
Poles Apart, dat wederom over Barrett lijkt te gaan
('Why did we tell you then Nou were always the
golden boy then/And that you'd never lose that
light in your eyes'), A Great Day For Freedom over
de val van de muur (I) en het nostalgische High
Hopes. Wat opvalt is dat Gilmours teksten op een
enkele uitzondering na in samenwerking met anderen
zijn geschreven, alsof hij twijfelt aan zijn eigen
capaciteiten. In elk geval moet hij het hier
afleggen tegen Waters. Het overweldigende
schouwspel is omvangrijker dan de vorige keer maar
biedt ook meer van hetzelfde.
|